Van aftandse vloot tot hypermoderne zeemacht [BUITENLAND]
Von: De Gemaskerde Bromvlieg (bromvlieg@maskeringen.nl) [Profil]
Datum: 06.06.2008 22:02
Message-ID: <484997bf$1$38197$dbd4b001@news.wanadoo.nl>
Newsgroup: nl.defensie.marine
Datum: 06.06.2008 22:02
Message-ID: <484997bf$1$38197$dbd4b001@news.wanadoo.nl>
Newsgroup: nl.defensie.marine
de Volkskrant June 3, 2008 Van aftandse vloot tot hypermoderne zeemacht SHANGHAI Bij de Hudongwerf in Shanghai kun je ze in de verte zien liggen, de nieuwe fregatten van de Chinese marine. Ranke, strak ontworpen schepen, die met de modernste raketlanceerinstallaties worden uitgerust. Ze zijn de trots van een nieuwe wereldmacht die aan den lijve ondervond wat het betekent om geen noemenswaardige marine te hebben. Ruim een eeuw geleden werd China vernederd door koloniale machten, Engeland, de VS en Japan voorop. Symbool van hun macht waren de slagschepen die ooit Chinese kustforten bombardeerden, de pantserkruisers die hooghartig voor anker lagen bij de Bund in het hart van Shanghai, een paar kilometer van de Hudongwerf. De Chinese regering heeft de afgelopen jaren het strategische belang van moderne zeestrijdkrachten volop erkend. Stond de marinetak van het Volksbevrijdingsleger, zoals de Chinese krijgsmacht officieel heet, voorheen te boek als een tamelijk aftandse collectie schepen, sinds kort komt daar verandering in. De herwaardering van de marine uit zich niet alleen in een miljarden euro's vergend investeringsprogramma, maar ook in de hiërarchie. De commandant van de marine, admiraal Wu Shengli, is tegenwoordig vicevoorzitter van China's hoogste militaire orgaan, de Centrale Militaire Commissie, waarvan president en partijleider Hu Jintao voorzitter is. Het was Hu zelf die anderhalf jaar geleden in een toespraak voor het partijkader bij de marine de nieuwe status van het krijgsmachtonderdeel duidelijk onderstreepte: 'We dienen ernaar te streven een krachtige marine op te bouwen, een die zich aanpast aan de behoeften van de historische missie van onze strijdkrachten in deze nieuwe eeuw.' De marine moet binnen enkele jaren een omvang en kwaliteit hebben die past bij de nieuwe economische en politieke statuur van de natie, zo luidt de opdracht. Dat betekent in de praktijk dat China een geduchte concurrent wordt voor de in Japan gestationeerde Amerikaanse Zevende Vloot, voor de Japanse marine en ook voor de marine van India, om van kleinere landen als Vietnam, Taiwan, Maleisië en de Filipijnen maar te zwijgen. In de oude opzet had de Chinese marine vooral de taak de 'afvallige provincie' Taiwan klem te zetten, maar tegenwoordig zijn er meer ambities. De nieuwe vloot moet meer op de lange afstand kunnen opereren, om de aanvoer van olie en andere grondstoffen te kunnen garanderen en de vlag te vertonen bij nieuwe zakenpartners in bijvoorbeeld Afrika. Aan de Arabische Zee, bij bondgenoot Pakistan, hebben de Chinezen al een moderne haven gebouwd die als steunpunt voor marineschepen kan dienen. Vooral de Indiërs kijken met argusogen naar deze ontwikkeling, en ook de Amerikanen en Japanners volgen de maritieme opmars van Peking nauwgezet. Washington heeft al besloten de Zevende Vloot te versterken, onder meer door het met kernenergie aangedreven vliegdekschip George Washington naar Japan te sturen, als vervanging voor de oude USS Kitty Hawk. Peking haalt ondertussen de banden met grote buur Rusland, die lange tijd niet best waren, weer aan. In 2005 werd een gezamenlijke marine-oefening gehouden. De Russen, maar ook de Oekraïners blijven hofleverancier van het modernste materieel, voorzover de Chinezen dat zelf nog niet kunnen maken. De opbouw van een moderne marine betekent overigens ook dat China straks beter in staat is mee te doen aan internationale vredesoperaties en hulpacties, zoals de Amerikaanse marine die eind 2005 uitvoerde ten behoeve van slachtoffers van de tsunami die grote delen van Azië trof. De Chinezen hebben er, om regionale goodwill te kweken en argwaan tegen hun militaire opbouw weg te nemen, alle belang bij zich meer van hun vredelievende kant te laten zien. Dat manifesteert zich de laatste tijd al geleidelijk door vlootbezoeken aan landen die voorheen angstvallig werden gemeden, zoals Japan, Australië en Groot-Brittanië . Humanitaire hulp verlenen is, zo laat de aardbeving zien die Sichuan trof, geen enkel probleem voor China's strijdkrachten. Dus wie weet: mocht een zware orkaan over tien jaar onverhoopt weer een land als Birma treffen, dan liggen daar straks voor de kust niet alleen schepen zoals nu de Britse HMS Westminster en de Amerikaanse USS Mustin plus bijbehorende Expeditionary Strike Force klaar om hulp te bieden, maar wellicht ook de PRCS Deng Xiaoping, het nieuwe amfibielandingsschip van de Volksbevrijdingsmarine.[ Auf dieses Posting antworten ]
