nntp2http.com
Posting
Suche
Optionen
Hilfe & Kontakt

Waarom de EU zo principieel fout is... (en waarom de gevestigde orde geen nieuw referendum wil..!)

Von: Havel (havenothing@nothing.cs) [Profil]
Datum: 28.05.2008 21:00
Message-ID: <483daba1$0$14344$e4fe514c@news.xs4all.nl>
Newsgroup: nl.politiek nl.uitkeringen nl.huishouden nl.auto nl.financieel.belastingen
zondag, april 10, 2005
Ik stem tegen de Europese Grondwet!

Ronald Plasterk ontwikkelde in zijn column in Buitenhof van vandaag (10/4)
de volgende redenering. De dienstenrichtlijn van Bolkestein, waartegen links
Frankrijk te hoop loopt en waardoor men daar tegen de Europese "grondwet"
dreigt te gaan stemmen, is er inderdaad voor bedoeld om "diensten" uit alle
landen van de EU overal inzetbaar te maken tegen de voorwaarden van het land
van herkomst. Er is in Frankrijk dus geen sprake van een misverstand, zoals
Bolkestein suggereerde, het is precies wat men denkt. Een Litouws
aspergeplukbureau kan haar werknemers in Nederland tegen Litouws tarief
asperges laten plukken. Nu wordt mij, zegt Plasterk, verteld dat dit
eigenlijk al een uitvloeisel is van het Verdrag van Rome van 1947. Als dat
zo is, wat zijn dan allemaal de uitvloeiselen van de Europese Grondwet waar
ons nu nog niets over wordt medegedeeld.
Bovendien garandeert artikel 3 lid 2 van de Grondwet (...) een interne markt
waarin de mededinging vrij en onvervalst is. Dat is het partijprogramma van
de VVD, aldus Plasterk.

Het fundamentale probleem van Europa is een radicaal tekort aan democratie:
aan behoorlijke besluitvormingsprocedures, aan een behoorlijke scheiding der
machten, en bovendien aan een Europees parlement dat het laatste woord heeft
in Europese zaken.
Het parlement controleert immers uitsluitend de Europese Commissie (een
groep hoge ambtenaren), maar niet de Raad van Ministers die het laatste
woord hebben en de eigenlijke besluiten nemen. De Raad (premiers) wordt door
niemand gecontroleerd. Zijn besluiten ("Raad" is inderdaad mannelijk) zijn
faits accomplis voor de nationale parlementen, en het Europese parlement
heeft er niks over te zeggen.

Dat leidt tot verbazingwekkend snelle besluitvorming: de uitbreiding met
tien lidstaten was een feit voor iemand er erg in had, en de uitbreiding met
Turkije vereiste slechts drie minuten discussie in Helsinki. Ondanks alle
bezweringen tot het tegendeel zijn de gesprekken met de Oekraïne inmiddels
gestart.

Tot ongeveer 1990 was de invloed van Europa op de nationale besluitvorming
gering. Sinds die tijd zijn we bedolven onder een groot aantal "Richtlijnen"
die de binnenlandse speelruimte dramatisch zijn gaan beperken. Het
democratisch tekort op Europees niveau wordt daarmee pijnlijk zichtbaar: al
deze Richtlijnen zijn zonder democratische controle en integrale afweging
tot stand gekomen.

Men kan met de Europese regelgeving in principe twee kanten op. Of Europa
bemoeit zich uitsluitend met zaken die van Europese, grensoverschrijdende
betekenis zijn en laat de rest aan de afzonderlijke democratieën over (het
zg. subsidiariteitsbeginsel), of er komt een echte Europese regering, en een
volwaardig parlement dat die regering controleert. (De derde macht, de
rechtspraak is er al).

De huidige rommelpot leidt tot een paradijs voor ambtenaren met sectorale
belangen. De integrale afweging ontbreekt. Dat gaat als volgt.

Onder leiding van een Europese ambtenaar in Brussel, die een bepaald
beleidsterrein onder zich heeft, wordt een groepje ambtenaren uit alle
lidstaten bij elkaar gehaald. Zeg: natuur, milieu, arbo, mededinging. Neem
eens natuur.

Zou het niet mooi zijn als er een Richtlijn kwam die zorgde voor beter
natuurbeheer binnen de lidstaten? In sommige landen worden de mooiste
gebieden zomaar veranderd in industrieterreinen. Het groepje bedenkt de
habitatrichtlijn. De Commissaris voor natuur (ook een ambtenaar dus, maar
wel een hele hoge) is het daar natuurlijk mee eens, want ook hij/zij is voor
de natuur, het is immers zijn/haar portefeuille in de Europese Commissie.
Zij brengt de concept-Richtlijn in de Raad voor Natuurministers. Ook die
zijn het er helemaal mee eens, want natuur is immers ook hun portefeuille.

Het kant-en-kant-klare product wordt uiteindelijk in de Raad van Ministers
(de gezamenlijke premiers) gebracht, en daar afgehamerd. Als de toetreding
van Turkije in drie minuten geregeld kan worden, dan ligt het niet voor de
hand dat er aan de Richtlijnen enige discussie wordt gewijd.

Tot zover ontbreekt in deze sectorale route de integrale afweging. Niemand
heeft zich concreet kunnen afvragen wat, in dit geval, de habitatrichtlijn
betekent voor de aanleg van wegen, of woningen, of bedrijventerreinen.
Hetzelfde geldt voor de ladderrichtlijn, de luchtverontreinigingsrichtlijn,
de vogelrichtlijn, de grondwaterrichtlijn of de dienstenrichtlijn: niemand
vraagt zich af de consequenties zijn voor andere beleidsterreinen of
belangen dan waar ze voor bedoeld zijn.

Vervolgens duurt het even voor in de nationale praktijken duidelijk wordt
wat de implicaties zijn van deze of gene Richtlijn. Iemand spant eens een
procedure bij de bestuursrechter aan, of - in Nederland - bij de Raad van
State, en dan blijkt dat er ineens een heleboel niet meer kan dat voorheen
wel kon. De onbedoelde effecten. Dan is het echter te laat.

Als een Richtlijn onherroepelijk is, is hij ook echt onherroepelijk. De
sectorale ambtenaren, EU-commissaris, en ministers hebben geen belang bij
verandering. Het EU-parlement heeft er geen invloed op. En de Raad van
Ministers kunnen alleen unaniem een Richtlijn buiten werking stellen. Dat
zal nooit gebeuren. Er zijn altijd landen die een voordeel hebben bij de
problemen die andere landen met deze of gene Richtlijn hebben.

Het stelsel van Richtlijnen schept steeds groter wordende beleidsmatige no
go-areas, met steeds geringere speelruimte voor het nationale democratische
proces. Er hoort uiteindelijk een democratische afweging te zijn van,
bijvoorbeeld, mobiliteit vs. luchtverontreining, of vliegveld vs. natuur, of
werkgelegenheid vs. stilte.

Voorbeeld.

Door een aantal uitspraken van de Raad van State op grond van de habitat- en
vogelrichtlijnen van ruwweg de afgelopen twee jaar, is de ruimtelijke
ontwikkeling van Nederland vastgelopen. Niet: dreigt vast te lopen, zou
kunnen vastlopen, nee: is vastgelopen. De aanleg van de Westerschelde
Container Terminal is afgeschoten. De aanleg van de tweede Maasvlakte ligt
stil omdat onvoldoende zou zijn onderzocht of de baby-larven van de
platvisjes in de Waddenzee er geen last van zouden kunnen hebben. 10.000
woningen in IJburg bij Amsterdam kunnen niet worden gebouwd. Wegen kunnen
niet worden aangelegd of verbreed vanwege de luchtverontreinigingsrichtlijn.

De procedures bij de Raad van State zijn bovendien verworden tot een lotto.
Voorheen werd nog enigszins marginaal getoetst, waarbij het bevoegd gezag in
behoorlijke mate het voordeel van de twijfel kreeg (een gemeente of
provincie moest het wel behoorlijk bont hebben gemaakt, wilde de Raad niet
tot de conclusie komen dat men "in redelijkheid tot deze afweging heeft
kunnen komen" zoals de formulering luidde). In de huidige situatie denken
vooral private initiatiefnemers wel drie keer na voor men investeert in
projecten, gronden en onderzoek. De kans is immers levensgroot dat een
initiatief na een groot aantal jaren en enorme uitgaven strandt op een
baby-larf op 300 km afstand.

In de Verenigde Staten is men zo verstandig geweest veel bevoegdheden te
leggen, en te laten, bij de afzonderlijke Staten. Er is een grote weerzin
tegen Federale bemoeienis met lokale aangelegenheden.

Net zo goed moet Europa zich niet bemoeien met de meeste nationale
afwegingen. En daar waar Europese bemoeienis wel noodzakelijk is, moet eerst
het democratisch besluitvormingsproces, met haar integrale afwegingen van
verschillende beleidsterreinen en belangen, worden zekergesteld.

Om het signaal te geven dat Europa zich niet met alles moet bemoeien, en dat
het democratisch gehalte van de Europese besluitvorming omhoog moet, stem ik
tegen de Europese grondwet.









[ Auf dieses Posting antworten ]

Antworten